De Tour de Suisse behoort al decennialang tot de meest prestigieuze rittenkoersen buiten de grote rondes. De Zwitserse WorldTour-wedstrijd wordt traditioneel gezien als een van de laatste grote testen richting de Tour de France en heeft een indrukwekkende erelijst met winnaars als Eddy Merckx, Sean Kelly, Miguel Induráin, Jan Ullrich en Rui Costa.
Toch heeft de wedstrijd de afgelopen jaren een andere positie gekregen op de kalender. Waar de Tour de Suisse vroeger vaak als directe concurrent van de Dauphiné werd beschouwd, kiezen steeds meer Tourfavorieten voor een alternatieve voorbereiding. Dat maakt de koers echter niet minder interessant. Integendeel: juist omdat veel renners hier hun laatste vormtest afwerken, biedt de wedstrijd vaak verrassende en open koerssituaties.
De editie van 2026 markeert een historische koerswijziging.
De organisatie heeft ervoor gekozen om de mannenwedstrijd drastisch in te korten van acht naar vijf etappes. Tegelijkertijd rijden vrouwen en mannen voortaan grotendeels hetzelfde parcours op dezelfde dagen. Daarmee kiest de Tour de Suisse voor een vernieuwend concept waarbij beide wedstrijden gelijkwaardiger worden gepresenteerd.
Daarnaast is de opbouw van de koers volledig veranderd:
- Geen klassieke overgangsetappes.
- Vrijwel iedere rit heeft impact op het klassement.
- Een individuele tijdrit blijft behouden.
- De koninginnenrit wordt geconcentreerd in de slotetappe.
Wedstrijdleider David Loosli omschrijft het parcours als "zonder ruimte om te herstellen". Die filosofie zie je terug in elke etappe.
De Tour de Suisse 2026 telt slechts vijf etappes, maar vergis je niet: deze koers wordt van begin tot eind op scherp gereden.
Etappe 1 – Sondrio (144 km)
De openingsrit start opmerkelijk genoeg in Italië. Het parcours doet denken aan een mini-Lombardije: technisch, voortdurend op en af en ideaal voor punchers en klassementsrenners. Een massasprint lijkt vrijwel uitgesloten. Vanaf dag één kunnen er verschillen ontstaan.
Etappe 2 – Locarno (157 km)
Een verraderlijke rit langs Lago Maggiore. Op papier iets minder zwaar dan de openingsdag, maar met voldoende klimwerk om de sprinters opnieuw uit het verhaal te houden. Teams met meerdere kopmannen kunnen hier al tactische spelletjes spelen.
Etappe 3 – Bad Ragaz (158 km)
Een klassieke Zwitserse overgangsrit bestaat niet meer. Ook hier wacht een heuvelachtig parcours met de beklimming van Schwägalp als belangrijkste scherprechter. Voor klassementsrenners wordt positionering cruciaal. Een slechte dag kan meteen dure seconden kosten.
Etappe 4 – Individuele tijdrit Aarburg (23,8 km)
De enige echte vlakke dag van de week. Met bijna 24 kilometer tegen de klok krijgen de tijdritspecialisten een unieke kans om een fundament voor het eindklassement te leggen. Voor pure klimmers wordt dit wellicht de gevaarlijkste dag van de hele ronde.
Etappe 5 – Villars-sur-Ollon
De absolute koninginnenrit.
-
Meer dan 4.200 hoogtemeters.
-
Meer dan 150 kilometer koers.
-
Col de la Croix als centraal strijdtoneel.
-
Vrijwel geen vlakke meters.
Deze rit is ontworpen om verschillen af te dwingen. De winnaar van de Tour de Suisse zal hier vrijwel zeker worden gekroond.
Team Visma | Lease a Bike
Voor Team Visma | Lease a Bike krijgt deze Tour de Suisse een andere invulling dan oorspronkelijk voorzien.
Aanvankelijk stond Matteo Jorgenson op het programma voor de Zwitserse rittenkoers, maar de Amerikaan heeft zijn voorbereiding aangepast en rijdt uiteindelijk de Tour Auvergne-Rhône-Alpes als laatste grote test richting de Tour de France.
Daardoor verschuift de focus binnen Visma naar Matthew Brennan en zal de ploeg vooral voor ritzeges gaan.
Erelijst (meest recente jaren)
Tour de Suisse
Jaar Winnaar
2025 João Almeida
2024 Adam Yates
2023 Mattias Skjelmose
2022 Geraint Thomas
2021 Richard Carapaz
2020 Geen editie (corona)
2019 Egan Bernal
2018 Richie Porte
2017 Simon Špilak
2016 Miguel Ángel López
Etappe 1: Sondrio (IT) – Sondrio (IT)
Woensdag 17 juni 2026
Afstand: 144,0 km
Hoogtemeters: 2.455 m
Type: Heuvelachtig
Algemene beschrijving
De Tour de Suisse 2026 opent direct met een veeleisende etappe in het Italiaanse Valtellina, rond start- en finishplaats Sondrio. Volgens de officiële routebeschrijving van de organisatie begint de rit met een vlakke openingsfase, waarna het parcours snel overgaat in een constant “up and down”-patroon. De etappe heeft het karakter van een technisch veeleisende omloop, meer vergelijkbaar met de Il Lombardia dan met vlakke klassiekers.
Het parcours voert voornamelijk door de Valtellina op middelhoge hoogte, wat het ritme van het peloton zal bepalen. De finale bevat twee korte maar zeer steile beklimmingen die naar verwachting voor de eerste duidelijke selectie zorgen. Een massasprint is onder deze omstandigheden hoogst onwaarschijnlijk; de etappezege zal naar alle waarschijnlijkheid worden beslist door kleine groepjes of zelfs een solorijder.
De technische wegen, afdalingen en herhaalde hoogtemeters maken positionering cruciaal en bieden kansen voor punchers, allrounders en goed ingereden klassementsrenners. De etappe zet meteen de toon voor een intense, selectieve ronde zonder traditionele overgangsetappes.
Beklimmingen
| KM | Beklimming | Categorie | Lengte | HM | SP |
|---|---|---|---|---|---|
| 61,0 | Via Don Lino Giana | 2e cat | 2,8 | 298 m | 10,6% |
| 82,1 | Via Terziere di Mezzo | 2e cat | 5,7 | 332 m | 5,8% |
| 127,2 | Via Europa | 3e cat | 3,2 | 160 m | 5,0% |
| 139,5 | Via Bordighi | 3e cat | 2,4 | 120 m | 5,0% |
Etappe 2: Locarno – Locarno
Dag en datum: Donderdag 18 juni 2026
Afstand: 157,7 km
Hoogtemeters: 2.110 m+
Type: Heuvelachtig
Algemene beschrijving
De tweede etappe van de Tour de Suisse 2026 is een ronde-etappe die start en finisht in Locarno, in het Italiaans-Zwitserse Ticino-gebied. Het parcours volgt grotendeels de oevers van het Lago Maggiore en verkent de heuvelachtige omgeving van deze regio, met een mix van snellere wegen en kortere, punchy beklimmingen.
De etappe begint langs het meer richting Tenero. Van daaruit klimt het peloton over de Monte Ceneri richting Lugano, waarna de route een lus maakt maar op middelhoge hoogte blijft voordat hij terugkeert naar Locarno. Monte Ceneri is geen extreem zware hindernis, maar kan afhankelijk van de wedstrijddynamiek wel slijtage veroorzaken in het peloton.
Volgens de officiële routebeschrijving en commentaar van sportdirecteur David Loosli is dit niet een van de zwaarste etappes qua totale hoogtewinst. De focus ligt op de finale, waar de beslissende momenten worden verwacht. Kort voor Tenero volgt een klim van ongeveer drie kilometer, gevolgd door een korte afdaling en nog een klim van net geen anderhalve kilometer, die deels steil is. Daarna daalt het parcours af naar Locarno en loopt het via Ascona. Een massasprint is onwaarschijnlijk; renners die uitblinken op korte, steile beklimmingen (puncheurs en explosieve rijders) hebben hier het voordeel.
Het parcours combineert punchy terrein langs het Lago Maggiore met tactische elementen in de finale. De korte, steile hellingen in het slot van de etappe kunnen voor selectie zorgen en bieden kansen voor aanvallers of sterke allrounders. Positionering zal cruciaal zijn, zeker in de technisch uitdagende zone rond de finale.
Deze etappe past in een veeleisende openingsfase van de Tour de Suisse 2026, zonder echte overgangsetappes. Na de heuvelachtige opener in Sondrio biedt etappe 2 opnieuw kansen voor niet-pure klimmers om zich te tonen, voordat de renners verder trekken naar Bad Ragaz
Beklimmingen
| KM | Beklimming | Categorie | Lengte | HM | SP |
|---|---|---|---|---|---|
| 60,0 | Monte Ceneri | 2e cat | 5,2 | 333 m | 6,4% |
| 143,7 | Fanghi | 3e cat | 3,5 | 245 m | 7,0% |
| 148,7 | Via Consiglio Mezzano (Orselina) | 3e cat | 1,4 | 119 m | 8,5% |
Etappe 3: Bad Ragaz - Bad Ragaz
Dag en datum: Vrijdag 19 juni 2026
Afstand: 157,4 km
Hoogtemeters: 2.320
Type: Heuvelachtig
Algemene beschrijving
De derde etappe van de Tour de Suisse 2026 is een lus rondom Bad Ragaz in het oosten van Zwitserland. Bad Ragaz fungeert zowel als start- als aankomstplaats en heeft de ronde eerder al drie keer mogen ontvangen. De renners krijgen een heuvelachtig parcours voorgeschoteld met ruim 2300 hoogtemeters, maar de indeling biedt kansen voor sprinters en punchers.
Het parcours begint direct pittig: meteen na de start volgt de korte maar steile St. Luzisteig, die het peloton geen rust gunt. Daarna leidt de route door het Prinsdom Liechtenstein en richting het Appenzellerland. In de eerste helft van de etappe liggen twee beklimmingen van de eerste categorie, met als zwaarste obstakel de Schwägalp. Deze klim heeft het potentieel om het peloton uit elkaar te slaan.
Na de top van de Schwägalp volgt een lange afdaling en een grotendeels vlak of licht glooiend slot van ongeveer 60 kilometer terug naar Bad Ragaz. Dit vlakke finale stuk is cruciaal: het biedt teams de mogelijkheid om ontsnapte renners terug te halen en een (verkleinde) pelotonsprint voor te bereiden. De etappe wordt door officiële beschrijvingen gezien als de meest realistische kans op een massasprint in deze editie, mits de sprinters de vroege klimmen overleven.
Deze etappe is tactisch interessant omdat de zwaarste inspanningen vroeg op de dag komen. GC-renners kunnen relatief rustig blijven en energie sparen voor de tijdrit van dag 4 en de koninginnenrit op dag 5. Voor sprinters en klassiekerrenners is het overleven van de Schwägalp en de daaropvolgende inspanningen de sleutel. Goede ploegensamenwerking in de finale zal doorslaggevend zijn om eventuele late ontsnappingen onschadelijk te maken.
De etappe start rond 15:00 uur en de verwachte aankomst ligt rond 17:45-18:15 uur, afhankelijk van het tempo. Het is een dag waarop de ploegen van snelle mannen zoals Arnaud De Lie, Matthew Brennan of Alberto Dainese waarschijnlijk het initiatief zullen nemen in de slotfase, terwijl klimmers en aanvallers kunnen proberen op de Schwägalp een slag te slaan.
Kortom, etappe 3 is een overgangsetappe met tanden: heuvelachtig genoeg om selectie te forceren, maar met een finale die een sprint mogelijk maakt. Het belooft een boeiende strijd tussen de verschillende type renners in het peloton.
Beklimmingen
| KM | Beklimming | Categorie | Lengte | HM | SP |
|---|---|---|---|---|---|
| 37.1 | Wildhaus | 1e cat | 8,9 | 600 m | 6,8% |
| 63.1 | Schwägalp Passhöhe | 1e cat | 4,1 | 325 m | 8,3% |
Etappe 4: Aarburg – Aarburg
Dag en datum: Zaterdag 20 juni 2026
Afstand: 23,8 km
Hoogtemeters: 202
Type: individuele tijdrit
______________________________________________________________________________________________________
Algemene beschrijving
De vierde etappe van de Tour de Suisse 2026 is een individuele tijdrit rond Aarburg in het kanton Aargau. Renners starten en finishen in dezelfde plaats op een circuit van ongeveer 23,8 kilometer met beperkte hoogteverschillen (270 meter klimwerk). Het is een klassieke specialistendiscipline: relatief vlak met snelle secties en meerdere bochten, waar technisch sterke renners waardevolle seconden kunnen pakken.
De openingsfase en het grootste deel van de rit spelen zich af in en rond Aarburg, een historische stad aan de Aare met een imposante burcht. Het parcours volgt wegen in de omgeving, met rechte stukken aan start en finish en een technischere middensectie. Geografisch ligt het in een relatief vlak tot licht glooiend gebied in Noord-Zwitserland, langs rivierlandschappen en nabij historische locaties zoals de oude stad en de Aare. De finale is snel en rechtlijnig, wat een hoge gemiddelde snelheid mogelijk maakt.
In de context van de ronde is deze tijdrit van groot belang voor het algemeen klassement. Na drie heuvelachtige etappes dwingt de klok alle favorieten tot een directe confrontatie. Specialisten kunnen hier significant tijd winnen, terwijl klimmers en renners met Tour de France-ambities hun positie en pacing kunnen testen. De etappe is niet overdreven technisch, maar biedt genoeg variatie om zuivere power tegen bochtvaardigheid af te zetten.
Deze tijdrit markeert een keerpunt: de stand na Aarburg bepaalt in belangrijke mate hoe teams en renners de laatste bergrit in Villars-sur-Ollon zullen benaderen. Het is een etappe waar voorbereiding, materiaal en individuele vorm het verschil maken, zonder dat er sprake is van ploegentijdrit-dynamiek of ontsnappingen. Renners moeten de hele afstand solo volhouden, met focus op consistentie, aerodynamica en het efficiënt nemen van de bochten.
Kortom, een eerlijke en open strijd tegen de klok in een compact, maar tactisch relevant parcours dat perfect past in de compacte en veeleisende opzet van de Tour de Suisse 2026.
Beklimmingen
Etappe 5: Villars-sur-Ollon – Villars-sur-Ollon
Dag en datum: Zondag 21 juni 2026
Afstand: 150,7 km
Hoogtemeters: 4451
Type: Bergrit
Algemene beschrijving
De vijfde en laatste etappe van de Tour de Suisse 2026 is de onbetwiste koninginnenrit. Het parcours vormt een veeleisend circuit rond Villars-sur-Ollon in het kanton Vaud, met drie ronden over een veeleisend bergtraject. De etappe start en finisht op dezelfde locatie, maar biedt geen respijt: de klim naar de Col de la Croix begint al vóór kilometer nul.
Het parcours kent in essentie slechts twee modi: klimmen of dalen, met nauwelijks vlakke herstelzones. Na de start volgt direct een eerste, kortere beklimming van de Col de la Croix (ongeveer 3,9 km aan 8,8%). Daarna volgt een lange afdaling richting Aigle, waarna het peloton de volledige Col de la Croix (circa 19,1 km aan gemiddeld 7%, met steilere stukken tot 9,2% in de top) twee keer volledig aanpakt. De etappe bestaat uit drie rondes van dit circuit, met vier significante beklimmingen van de Col de la Croix in totaal (deels verkort op het laatste rondje).
De finale is beslissend: na de laatste passage over de Col de la Croix (die ditmaal niet helemaal tot de top gaat) volgt een laatste klim van ongeveer 9,6 km aan gemiddeld 8% richting de finish in Villars-sur-Ollon, die lager ligt dan de bergpas. Dit maakt de etappe extreem selectief, met een totaal van meer dan 4.200 hoogtemeters over 151 km. De afdalingen zijn technisch en snel, wat risico’s op valpartijen met zich meebrengt, vooral in de afdaling naar Aigle.
Volgens sportdirecteur David Loosli is dit een etappe zonder genade: “The stage essentially has only two modes: climbing or descending – recovery sections are rare.” De Col de la Croix, met zijn kronkelende wegen en alpine panorama’s, vormt het hart van de rit en biedt een klassieke Tour de Suisse-bergbeleving.
De etappe belooft een intense, tactische strijd in de Vaudse Alpen, waar de sterkste klimmers en meest complete renners zich kunnen onderscheiden in een compacte, maar meedogenloze finale.
Beklimmingen
| KM | Beklimming | Categorie | Lengte | HM | SP |
|---|---|---|---|---|---|
| 7,8 | Col de la Croix (1e passage) | 2e cat | 3,9 | 325 m | 8,8% |
| 58,6 | Col de la Croix (2e passage) | HC | 19,1 | 1340 m | 7% |
| 109,7 | Col de la Croix (3e passage) | HC | 19,1 | 1340 m | 7% |
Selectie Team Visma | LeaseaBike
Louis Barré
Matthew Brennan
Owain Doull
Menno Huising
Wilco Kelderman
Steven Kruijswijk
Bart Lemmen
Reactie plaatsen
Reacties