Ronde van Spanje 2026: etappebeschrijvingen

Duik dieper in elke etappe van de Ronde van Spanje  2026. Van start tot finish, ontdek de uitdagingen en kansen die onze renners te wachten staan. Wij bieden een gedetailleerd overzicht van het parcours en de cruciale momenten.

Etappe 1: Monaco – Monaco

Dag en datum: zaterdag 22 augustus 2026
Afstand: 9 kilometer
Hoogtemeters: niet gespecificeerd in de geraadpleegde officiële koersinformatie
Type: individuele tijdrit

De Vuelta a España 2026 begint dit jaar niet op Spaanse bodem, maar in Monaco – voor het eerst in de geschiedenis van de Ronde van Spanje. Daarmee wordt het Prinsdom de eerste plaats die het vertrek van alle drie de grote rondes heeft mogen organiseren, na de Giro van 1966 en de Tour de France van 2009.

De openingsetappe is meteen een tijdrit tegen de klok: een korte, technische individuele tijdrit van 9,4 kilometer die volledig binnen de landsgrenzen van Monaco wordt verreden. Het vertrek ligt bij het beroemde Casino de Monte-Carlo, waarna het parcours eerst in noordelijke richting loopt. Onderweg passeert de route diverse herkenbare plekken in het Prinsdom, waaronder het gebied rond het circustent en Stade Louis II. Na de kop van de route draaien de wegen weer zuidwaarts, richting de finish op de Boulevard Albert I bij Port Hercule – exact op de plek waar ook de Formule 1 jaarlijks de Grand Prix van Monaco beslecht. Een tussenpunt ligt na 5,6 kilometer.

Qua profiel is dit geen zware openingstijdrit: de 170 hoogtemeters wijzen op een licht glooiend parcours zonder echte hellingen. De uitdaging zit vooral in de vele scherpe bochten van het bekende straatcircuit. Dat maakt het tot een technisch en compact parcours, waarin explosiviteit en stuurvaardigheid minstens zo belangrijk zijn als pure wattages. Voor de klassementsrenners en tijdritspecialisten geldt dat iedere fout in de bochten direct kostbare tijd kan kosten, ondanks de beperkte lengte van de rit.
De eerste renner vertrekt om 16.17 uur; de laatste starter wordt rond 19.30 uur op de finish verwacht.

Deze openingsetappe bevat geen gecategoriseerde beklimmingen. Het parcours door Monaco is licht glooiend (circa 170 hoogtemeters over 9,4 kilometer), maar kent geen cols of hellingen die als klim zijn opgenomen in het wedstrijdreglement.

Etappe 1 · ITT · 9,4 km Monaco › Monaco

Geen gecategoriseerde beklimmingen in deze etappe.

Etappe 2: Monaco – Manosque

Dag en datum: zondag 23 augustus 2026
Afstand: 215,2 km (langste etappe van deze Vuelta)
Hoogtemeters: 3.110 hoogtemeters
Type: Heuvelachtig

Na de openingstijdrit in Monaco wacht het peloton meteen de langste etappe van deze Vuelta a España. De start is om 12:00 uur, met een verwachte aankomst in Manosque rond 17:30 uur.

Al vroeg in de rit wacht het eerste klimwerk: de Alto Châteauneuf-Grasse. Daarna golft het parcours zo’n zestig kilometer door het heuvellandschap tot aan de Col de Saint-Andrieu. Na deze bergprijs volgt eerst een korte afdaling en vervolgens nog een klim van circa drie kilometer aan gemiddeld 6,1%. Vlak voor de laatste vijftig kilometer wacht bovendien nog een helling van 2,8 kilometer aan 6,2%. Omdat de zwaarste hindernissen daarmee relatief vroeg op de dag liggen, krijgen ploegen van de snelle mannen ruim de tijd om eventuele gaten te dichten.

De finale speelt zich af rond Valensole, op ongeveer twintig kilometer van de streep, waarna de weg geleidelijk afloopt naar de Durancevallei. De laatste vijf kilometer richting Manosque stijgen licht, waardoor positionering en het vermogen om na een lange dag nog een explosieve sprint te trekken belangrijker worden dan pure topsnelheid. Dat profiel maakt de aankomst kansrijker voor snelle mannen uit de klassieke school dan voor pure vlakke-etappesprinters.

Etappe 2 telt twee officieel gecategoriseerde beklimmingen. Als eerste komt de Alto Châteauneuf-Grasse, met een lengte van 12,8 kilometer aan gemiddeld 2,9%. Later in de etappe volgt de Col de Saint-Andrieu, die 4,3 kilometer lang is aan gemiddeld 5,2%.

Daarnaast bevat het parcours twee kortere hellingen die niet officieel gecategoriseerd zijn. Direct na de Col de Saint-Andrieu, na een korte afdaling, wacht een klim van circa 3 kilometer aan gemiddeld 6,1%. Vlak voor het ingaan van de laatste vijftig kilometer volgt nog een helling van 2,8 kilometer aan gemiddeld 6,2%.

Etappe 2 · 214,3 km Monaco › Manosque
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
34,2 Alto Châteauneuf-Grasse ·3e cat 12,8km 374m 2,9% 407m
94,3 Col de Saint Andrieu ·3e cat 4,7km 227m 4,8% 508m

Etappe 3: Gruissan – Font Romeu

Dag en datum: maandag 24 augustus 2026
Afstand: 174 kilometer
Hoogtemeters: circa 2.676 hoogtemeters
Type: middelgebergte, met aankomst bergop

Vanaf dat punt begint het karakter van de etappe drastisch te veranderen. De weg kruipt geleidelijk omhoog en mondt uit in de Col de Mont-Louis, de eerste echt bepalende beklimming van deze Vuelta. Na de top van deze klim volgt een korte afdaling, waarna de renners direct weer de hoogte in moeten voor het slotstuk naar Font Romeu. Beide klimsecties liggen zo dicht tegen elkaar aan dat het geheel feitelijk als één lange klim van circa 27 kilometer aan gemiddeld 4,5% kan worden gezien.

De finale is dan ook waar deze etappe om draait. Omdat vrijwel alle hoogtemeters zich in de laatste 35 kilometer concentreren, zullen de ploegen van de klassementsrenners hier het tempo bepalen. De slotklim naar het skioord Font Romeu, dat op ruim 1.900 meter hoogte ligt, is niet extreem steil maar wel lang genoeg om verschillen te forceren tussen de favorieten voor het algemeen klassement. Voor explosieve punchers dreigt dit slot juist een lastige horde te worden.

Overzicht belangrijkste beklimmingen

De eerste grote klim van de dag is de Col de Mont-Louis, een beklimming van eerste categorie. Deze col meet 19,4 kilometer aan een gemiddelde stijging van 4,8%.

Na een korte afdaling volgt aansluitend de slotklim naar Font Romeu, een beklimming van tweede categorie. Dit laatste stuk is 9,8 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 5%.

Samen vormen deze twee opeenvolgende klimsecties het beslissende gedeelte van de etappe, goed voor het grootste deel van de hoogtemeters op deze dag.

Etappe 3 · 174 km Gruissan-Aude › Font Romeu
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
157,8 Col de Mont-Louisbonificatiesprint ▲▲1e cat 19,4km 934m 4,8% 1.572m
174 Font Romeufinish 2e cat 9,8km 490m 5% 1.935m

Etappe 4: Andorra la Vella – Andorra la Vella

Dag en datum: dinsdag 25 augustus 2026
Afstand: 104,9 kilometer
Hoogtemeters: circa 3.300 hoogtemeters
Type: bergrit

Vanaf Aldosa voert de route vervolgens naar het dorp Ordino, waar de Coll d’Ordino wacht alvorens de afdaling richting Canillo volgt. Het slotstuk van de etappe brengt het peloton naar de ingang van Escaldes-Engordany, waar de laatste horde van de dag ligt: de Alto de la Comella. Na de top van deze klim volgt een technische afdaling die het peloton terugvoert naar de finish in het hart van Andorra la Vella. Doordat de rit met minder dan 105 kilometer erg kort is en de klimmen elkaar snel opvolgen, is er nauwelijks tijd om te herstellen tussen de beklimmingen door, wat de etappe bij uitstek geschikt maakt voor aanvallen van de klassementsrenners.

Overzicht belangrijkste beklimmingen

De etappe opent met de Port d’Envalira, een beklimming van eerste categorie en met circa 25 kilometer de langste klim van de dag. Het gemiddelde stijgingspercentage bedraagt 5%, met pieken tot 11%.

Daarna volgt de Collada de Beixalís, eveneens van eerste categorie. Deze klim is 6,7 kilometer lang aan een gemiddelde van 8,5%, met uitschieters tot wel 16%.

Vervolgens wacht de Coll d’Ordino, ook een beklimming van eerste categorie, met een lengte van 9,8 kilometer aan gemiddeld 7,1%.

De etappe wordt afgesloten met de Alto de la Comella, een klim van derde categorie. Deze laatste beklimming meet 4,2 kilometer aan een gemiddeld percentage van 8,1%, voordat een technische afdaling naar de streep in Andorra la Vella volgt.

 

Etappe 4 · 104,8 km Andorra la Vella › Andorra la Vella
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
25,1 Port d'Envalira ▲▲1e cat 23,3km 1.210m 5,1% 2.409m
59,3 Collada de Beixalís ▲▲1e cat 6,5km 554m 8,5% 1.803m
78,7 Coll d'Ordino ▲▲1e cat 9,9km 695m 7% 1.989m
100 Alto de la Comellabonificatiesprint ·3e cat 3,9km 231m 5,9% 1.347m

Etappe 5: Falset – Roquetes

Dag en datum: woensdag 26 augustus 2026
Afstand: 171,1 kilometer
Hoogtemeters: circa 1.600 hoogtemeters
Type: heuvelrit

Na de zware openingsdagen in de Pyreneeën en Andorra krijgt het peloton met deze rit door Catalonië een adempauze, al is het parcours allesbehalve vlak.

Met nog ongeveer vijftig kilometer te gaan begint het klimwerk opnieuw. Eerst wacht een helling van 2,9 kilometer aan gemiddeld 5,7%, gevolgd door een vergelijkbare oplopende passage. Vervolgens biedt de Alto de Paüls, op ruim twintig kilometer van de streep, de laatste gelegenheid voor aanvallers om zich te onderscheiden. Na de top volgt een snelle afdaling naar Xerta, waarna de route via Tortosa naar Roquetes voert. De laatste 1,7 kilometer draaien vooral om positionering en de sprinttreinen. In de open omgeving van de Ebrovallei kan bovendien de wind een rol spelen: bij stevige zijwind ontstaan hier regelmatig waaiers, waardoor het peloton uiteen kan vallen.

Overzicht belangrijkste beklimmingen

Circa vijftig kilometer voor de finish ligt de eerste helling van de finale: 2,9 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 5,7%.

Daarna volgt de Alto de Paüls, de belangrijkste gecategoriseerde beklimming van de dag. Deze klim is 3,5 kilometer lang en loopt gemiddeld 7,2% omhoog, met de top op ongeveer 25 kilometer van de aankomst in Roquetes.

 

Etappe 5 · 173,3 km Falset › Roquetes
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
148,4 Puerto de Paüls ·3e cat 3,5km 252m 7,1% 381m

Etappe 6: Alcossebre – Castellón

Dag en datum: donderdag 27 augustus 2026
Afstand: 176,8 kilometer
Hoogtemeters: circa 3.000 hoogtemeters
Type: middengebergte

Na de sprintkansen in Roquetes wacht een technisch veeleisende etappe langs de Costa del Azahar, met als absolute blikvanger een onverharde slotklim.

Vanuit het kustplaatsje Alcossebre trekt het peloton vrijwel meteen landinwaarts. Na ruim veertig kilometer wacht de eerste hindernis: de Puerto de la Serratella. Kort na de afdaling volgt de Coll de la Bandereta, waardoor een vroege vlucht waarschijnlijk niet zonder slag of stoot tot stand komt. Vanaf de top van de Bandereta loopt het parcours over overwegend dalende en vlakkere wegen via Cabanes, Oropesa en Benicàssim, richting een langere, glooiende middenfase.

Rond kilometer 120 verschijnt de Alto del Desierto de las Palmas voor het eerst op het parcours. Zo’n 26 kilometer later keert dezelfde beklimming terug, maar dan met een venijnig addertje: de laatste drie kilometer naar de top van de Puerto El Bartolo lopen over een onverharde weg, de zogenoemde Tramo de Tierra. Na de top van El Bartolo volgt een snelle, technische afdaling naar Castellón, met nog ruim twintig kilometer koers te gaan. Doordat de finish niet boven ligt maar na een afdaling wordt bereikt, is deze etappe lastig te controleren: klimmers kunnen op El Bartolo verschillen maken, maar moeten hun voorsprong vervolgens door de afdaling zien te bewaren tegen sterke dalers en achtervolgers.

De eerste klim van de dag is de Puerto de la Serratella, een beklimming van tweede categorie. Deze klim is volgens de officiële cijfers 14 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 3,8%, met de top na 44,6 kilometer koers.

Daarna volgt de Coll de la Bandereta, een klim van derde categorie. Deze beklimming is korter maar steiler: 4,6 kilometer aan gemiddeld 6,7%, met de top op kilometer 66,1.

Vervolgens wacht de Alto del Desierto de las Palmas, een beklimming van tweede categorie, die rond kilometer 120 voor het eerst wordt beklommen.

De etappe wordt afgesloten met de Puerto El Bartolo, een beklimming van eerste categorie. Deze slotklim loopt via dezelfde flank als het Desierto de las Palmas, maar wordt in de laatste drie kilometer een onverharde weg, voordat de top wordt bereikt en de afdaling naar Castellón volgt.

 

Etappe 6 · 177,4 km Alcossebre › Castelló
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
44,6 Puerto de la Serratella 2e cat 14km 525m 3,8% 839m
66,1 Coll de la Bandereta ·3e cat 4,6km 310m 6,7% 790m
128,5 Alto del Desierto de las Palmas 2e cat 7,6km 381m 4,9% 422m
156,9 Puerto El Bartolobonificatiesprint · sterrato ▲▲1e cat 9,4km 657m 7,1% 713m

Etappe 7: Vall d’Alba – Aramón Valdelinares

Dag en datum: vrijdag 28 augustus 2026
Afstand: 149,9 kilometer
Hoogtemeters: circa 3.600 hoogtemeters
Type: bergrit, met aankomst bergop

Na de gravelbeproeving richting Castellón wacht met deze rit naar Aramón Valdelinares de eerste grote bergaankomst van deze Vuelta.

Vanuit Vall d’Alba trekt het peloton de provincie Castellón uit, de bergen van Aragón in. De eerste honderd kilometer voeren over vlakke en glooiende wegen, met de Puerto de El Remolcador en de Alto de Zucaina als eerste twee opwarmklimmetjes. Vanaf daar wordt het parcours zwaarder en komt het hoger gelegen terrein van de provincie Teruel in beeld.

Het zwaartepunt van de etappe ligt volledig in de laatste vijftig kilometer, die vrijwel onafgebroken stijgen. Na de Alto Fuente de Rubielos volgt een glooiende sectie, waarna de Puerto de San Rafael dient als laatste opwarmer voor de ontknoping. Kort na de tussensprint op kilometer 123,3 begint dit laatste klimblok, met de top van de San Rafael op 13,5 kilometer van de streep. Na een korte afdaling begint op 9,8 kilometer van de finish de slotklim naar het skistation van Aramón Valdelinares, gelegen op ongeveer 1.950 meter hoogte. Deze klim kent onregelmatige stijgingspercentages – de laatste kilometer loopt bijvoorbeeld amper op – waardoor renners die te vroeg forceren daarvoor in de vlakkere slotmeters de rekening gepresenteerd kunnen krijgen.

De etappe opent met de Puerto de El Remolcador, een beklimming van tweede categorie. Deze klim is 12,4 kilometer lang aan gemiddeld 4,3%, met de top op kilometer 52,2.

Daarna volgt de Alto de Zucaina, een klim van derde categorie, met een lengte van 5,5 kilometer aan gemiddeld 5%. De top ligt op kilometer 66,5.

Vervolgens wacht de Alto Fuente de Rubielos, een klim van 6 kilometer aan gemiddeld 6,3%.

Daarop volgt de Puerto de San Rafael, een beklimming van tweede categorie, met een lengte van 11,1 kilometer aan gemiddeld 4,3%. De top ligt op 13,5 kilometer van de finish.

De etappe wordt afgesloten met de slotklim naar Aramón Valdelinares, een beklimming van eerste categorie. Deze klim is 9,8 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 5,9%, met uitschieters tot 13%.

Etappe 7 · 149,8 km Vall d'Alba › Aramón Valdelinares
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
52,2 Puerto El Remolcador 2e cat 12,4km 536m 4,3% 985m
66,5 Alto de Zucaina ·3e cat 5,5km 277m 5% 817m
104,9 Puerto de Fuente de Rubielos ·3e cat 5,9km 372m 6,3% 1.003m
136,2 Puerto de San Rafael 2e cat 11,1km 485m 4,3% 1.562m
149,8 Aramón Valdelinaresfinish ▲▲1e cat 9,8km 578m 5,9% 1.963m

Etappe 8: Puçol – Xeraco

Dag en datum: zaterdag 29 augustus 2026
Afstand: 171 kilometer
Hoogtemeters: circa 1.280 hoogtemeters
Type: vlakke rit

Na de eerste bergaankomst van deze Vuelta krijgen de sprinters met deze rit langs de Spaanse oostkust eindelijk een uitgelezen kans op ritwinst.

De etappe vertrekt in Puçol, zo’n twintig kilometer ten noorden van Valencia, en maakt een ruime boog rond de stad voordat de finish wordt bereikt in Xeraco, twintig kilometer ten zuiden ervan. Het grootste deel van de rit biedt het peloton nauwelijks obstakels: de route voert via onder meer Betera, Riba-roja de Túria, Cheste en Alzira grotendeels over vlak en glooiend terrein.

Pas in het laatste kwart van de etappe verschijnt de enige echte hindernis van de dag. Na de tussensprint in Simat de la Valdigna, op zo’n 33,6 kilometer van de streep, begint de klim naar Barx. Na de top, op 26,1 kilometer van de finish, volgt een lange, vlakke aanloop naar Xeraco. De laatste kilometers lopen kaarsrecht naar de streep, wat de aankomst geschikt maakt voor een klassieke massasprint. Doordat de klim relatief laat in de etappe ligt, kan hij wel voor selectie zorgen in het sprintersveld, en ook de wind langs de Middellandse Zee kan in de open stukken richting Xeraco nog een rol spelen.

De enige klim van de dag is de beklimming naar Barx, een beklimming van tweede categorie. Het gecategoriseerde gedeelte is 4,7 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 5,6%. De top ligt op 26,1 kilometer van de finish in Xeraco.

Etappe 8 · 171 km Puçol › Xeraco
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
143,6 Puerto de Barx ·3e cat 4,7km 265m 5,6% 319m

Etappe 9: La Vila Joiosa Alto de Aitana

Dag en datum: zondag 30 augustus 2026
Afstand: 187,5 kilometer
Hoogtemeters: circa 5.100 hoogtemeters
Type: bergrit

Met deze rit sluit de Vuelta de openingsweek af op indrukwekkende wijze: zes beklimmingen en meer dan vijfduizend hoogtemeters maken dit een van de zwaarste dagen van de hele ronde.

De etappe start aan de Costa Blanca in La Vila Joiosa (Villajoyosa), maar van een rustige aanloop is geen sprake. Direct vanaf de start klimt de weg, en ook daarna blijft het parcours lange tijd op- en aflopen, ideaal terrein voor renners die de vroege ontsnapping willen forceren. Via een reeks korte klimmetjes bereikt het peloton de Puerto de Tárbena, gevolgd door de Coll de Rates, waarna eindelijk een langere afdaling volgt.

Na zo’n 56 kilometer, bij de doorkomst van Orba, is van een rustige middenfase echter geen sprake: de Puerto de El Miserat wacht met een bijzonder pittig percentage. Het peloton is dan ongeveer halverwege, maar het zwaarste werk moet nog komen. Na de Port de Tudons en de Port de Benifallim volgt de allesbeslissende slotklim naar de Alto de Aitana. Deze aankomst, gedeeltelijk over normaal gesloten militair terrein, kent zijn zwaarste sectie zo’n zes kilometer voor de top, waar het percentage oploopt tot boven de 9%. Door de opeenstapeling van hoogtemeters eerder op de dag wordt dit slot bij uitstek een etappe voor de zuivere klimmers.

Meteen na de start wacht een eerste helling van 3,1 kilometer aan gemiddeld 4,4%, gevolgd door een golvend gedeelte met onder meer een ongecategoriseerde strook van 1,7 kilometer aan 6,3%.

Daarna volgt de Puerto de Tárbena, een klim van 7,2 kilometer aan gemiddeld 5,4%.

Vervolgens wacht de Coll de Rates, een kortere klim van 1,5 kilometer aan gemiddeld 6,2%.

Na de doorkomst in Orba ligt de Puerto de El Miserat, met 5,2 kilometer aan een pittige gemiddelde stijging van 10%.

Later in de etappe volgen nog de Port de Tudons en de Port de Benifallim, twee bekende beklimmingen uit de regio, voordat de renners aan de slotklim beginnen.

De etappe wordt afgesloten met de aankomst bergop op de Alto de Aitana: een klim van 22 kilometer aan een gemiddeld percentage van 5,8%, met het zwaarste stuk in de laatste zes kilometer voor de top.

Etappe 9 · 187,4 km La Vila Joiosa › Alto de Aitana
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
36,7 Puerto de Tárbena 2e cat 7,2km 392m 5,4% 594m
73,9 Puerto de El Miserat ▲▲1e cat 5,2km 527m 10% 634m
90,7 Puerto de Tollos ·3e cat 4,1km 237m 5,8% 829m
121,8 Puerto de Tudons 2e cat 7km 373m 5,3% 1.027m
139,9 Puerto de Benifallimbonificatiesprint 2e cat 4,8km 282m 5,8% 1.013m
187,4 Alto de Aitanafinish ▲▲1e cat 22km 1.264m 5,8% 1.543m

Etappe 10: Alcaraz Elche de la Sierra

Dag en datum: dinsdag 1 september 2026
Afstand: 184,5 kilometer
Hoogtemeters: circa 2.975 hoogtemeters
Type: heuvelrit

Direct na de eerste rustdag krijgt het peloton weinig tijd om weer op stoom te komen: deze etappe door de Sierra van Albacete kent vrijwel geen vlakke meter.

Vanaf de start in Alcaraz klimt het peloton meteen tegen bescheiden percentages richting de top van de Puerto de las Cruses, waarbij vooral de laatste 3,2 kilometer met circa 5% iets steviger zijn. Na de afdaling richting Riópar volgt de voet van de Puerto de Peralejo. Na de top van deze klim blijft het parcours nog ruim twintig kilometer glooiend, voordat de weg richting Ayna naar beneden loopt.

Eenmaal door dit dorp begint een nieuwe klim, waarna een lange, onregelmatige afdaling volgt met steeds afwisselende korte stijgingen en dalingen. Ook in de laatste vijftig kilometer blijft het parcours golvend, met onder meer een ongecategoriseerde helling van ongeveer een kilometer aan 8,1%. De ontknoping van de etappe ligt bij de Puerto de Socovos, de laatste officiële klim van de dag, met de top op ruim twintig kilometer van de finish. Na een geleidelijke afdaling en nog een korte helling lopen de laatste 4,5 kilometer vals plat omhoog richting Elche de la Sierra. Dat profiel maakt de etappe geschikt voor een sterke vluchter of een puncheur, terwijl het voor de sprintersploegen een lastige dag wordt om de boel te controleren.

De etappe opent met de Puerto de las Cruses, waarvan vooral het laatste stuk van 3,2 kilometer met circa 5% oploopt.

Daarna volgt de Puerto de Peralejo, een klim van 5,2 kilometer aan gemiddeld 4,3%.

Na de doorkomst in Ayna wacht een volgende beklimming van 7,7 kilometer aan gemiddeld 4%.

De etappe wordt afgesloten met de Puerto de Socovos, een klim van 9,7 kilometer aan gemiddeld 3,5%, met de top op 21,4 kilometer van de finish. Na deze laatste officiële klim volgt nog een korte helling van 1,7 kilometer aan 5,5%, voordat de laatste 4,5 kilometer vals plat richting de streep lopen.

Etappe 10 · 185 km Alcaraz › Elche de la Sierra
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
47,6 Puerto del Peralejo ·3e cat 5,2km 227m 4,3% 1.132m
86,3 Puerto de Aýna ·3e cat 7,7km 302m 4% 950m
163,2 Puerto de Socovos ·3e cat 9,8km 341m 3,5% 782m

Etappe 11: Cartagena Lorca

Dag en datum: woensdag 2 september 2026
Afstand: 156,1 kilometer
Hoogtemeters: circa 1.400 hoogtemeters
Type: vlakke rit

Na de aanvallersetappe naar Elche de la Sierra krijgen de sprinters met deze korte rit naar Lorca een van hun beste kansen van de openingsweken.

Vanuit Cartagena, ooit gesticht door de Carthagers, voert de route eerst richting Portmán en vervolgens langs de kust van het Mar Menor. In deze eerste veertig kilometer blijft het peloton dicht bij de kust en komt het al twee korte, ongecategoriseerde hellingen tegen, die zich lenen als lanceerbasis voor de vroege vlucht. Pas na Los Alcázares trekt de karavaan het binnenland van Murcia in.

Na ongeveer 75 kilometer verandert het karakter van de etappe. Via onder meer Fuente Álamo en Totana nadert het peloton de enige echte hindernis van de dag: de Alto del Morrón de Totana. Volgens de officiële aankondiging van de organisatie wordt deze klim beklommen op ongeveer dertig kilometer van de finish. Na de top volgt nauwelijks een echte afdaling, eerder een geleidelijk verlies aan hoogte over vals plat oplopende en dalende stroken, tot de laatste kilometers richting Lorca, waar een massasprint wordt verwacht.

Vroeg in de etappe liggen twee korte, ongecategoriseerde hellingen: een van 1,8 kilometer aan gemiddeld 5,5% en een van 2,4 kilometer aan gemiddeld 4,7%.

De enige gecategoriseerde beklimming van de dag is de Alto del Morrón de Totana, een klim van derde categorie. Deze beklimming is 8,8 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 4,3%, met de top op ongeveer dertig kilometer van de finish in Lorca.

Etappe 11 · 153 km Cartagena › Lorca
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
121,8 Alto de Aledo ·3e cat 9,5km 401m 4,2% 623m

Etappe 12: Vera – Calar Alto

Dag en datum: donderdag 3 september 2026
Afstand: 166,5 kilometer
Hoogtemeters: circa 4.530 hoogtemeters
Type: bergrit

Na de sprintkansen in Lorca schakelt de Vuelta weer naar de hoogste versnelling: deze rit naar het observatorium van Calar Alto is uitgesproken werk voor de klimmers en klassementsrenners.

Vanuit Vera, in de provincie Almería, trekt het peloton steeds verder het binnenland in, richting de Sierra de los Filabres. Al vroeg in de etappe krijgen de renners de Puerto Los Barrancos, de Alto Cóbdar en de Collado García voor de wielen. Geen van deze beklimmingen is direct beslissend, maar samen zorgen ze ervoor dat het peloton al voor de finale energie kwijtraakt.

Na een lange afdaling en een relatief rustigere fase begint de echte strijd om de ritzege op ongeveer 44 kilometer van de finish, bij het voormalige mijnstadje Velefique. De Alto de Velefique opent meteen met stijgingspercentages in de dubbele cijfers en blijft tot aan de laatste kilometer rond de 7% schommelen, voordat het slotstuk nog eens oploopt tot 15%. Na de afdaling volgt direct de slotklim naar het Observatorio Astronómico de Calar Alto, op ruim 2.100 meter hoogte. Deze klim is tactisch lastig te lezen: de eerste kilometers lopen fors op, gevolgd door een afwisseling van vals plat en korte hellingen, voordat het parcours in de laatste kilometers weer duidelijk stijgt richting de meet.

Vroeg in de etappe liggen de Puerto Los Barrancos, de Alto Cóbdar en de Collado García, drie beklimmingen die het peloton al voor de finale vermoeien.

De eerste grote test van de dag is de Alto de Velefique, met een lengte van 13,2 kilometer aan een gemiddeld percentage van 7,3%. De top ligt op ongeveer 44 kilometer van de finish.

De etappe wordt afgesloten met de slotklim naar Calar Alto, in totaal 17 kilometer lang aan gemiddeld 5,6%. Vooral de eerste kilometers van deze slotklim zijn met percentages rond de 9-12% bijzonder zwaar, waarna een onregelmatig vervolg met vlakkere en steilere stroken volgt tot aan de finish bij het observatorium.

Etappe 12 · 166,6 km Vera › Calar Alto
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
16 Alto del Cabecico ·3e cat 8,3km 279m 3,3% 471m
57,5 Alto de Cóbdar ·3e cat 4,9km 221m 4,5% 668m
86,4 Collado García 2e cat 18,5km 452m 2,4% 1.239m
135,4 Alto de Velefiquebonificatiesprint ▲▲1e cat 13,1km 951m 7,2% 1.789m
166,6 Calar Altofinish ▲▲1e cat 16,9km 952m 5,6% 2.153m

Etappe 13: Almuñécar – Loja

Dag en datum: vrijdag 4 september 2026
Afstand: 193,2 kilometer
Hoogtemeters: circa 3.300 hoogtemeters
Type: middengebergte

Na de zware bergrit naar Calar Alto oogt deze etappe op papier minder zwaar, maar met bijna 3.300 hoogtemeters, vooral in de eerste helft, is het allesbehalve een rustdag.

De etappe start in Almuñécar, de geboorteplaats van Carlos Rodríguez, en volgt eerst de kustlijn van de Middellandse Zee richting Salobreña. Daarna draait de route landinwaarts en begint de weg al vrij snel te stijgen richting Guájar-Faragüit. Het merendeel van het klimwerk ligt in de eerste 84 kilometer van de etappe: na de eerste serieuze beklimming volgt een afdaling die onderbroken wordt door een kort klimmetje naar Pinos del Valle, waarna de korte maar venijnige Puerto Las Albuñuelas wacht.

Voorbij dit lastige middenstuk wordt het parcours opener en golvender, terwijl het peloton via de omgeving van Huétor-Tájar richting Loja trekt. In het laatste deel van de etappe wacht nog één betekenisvolle klim, de Puerto de Granada, waarna een dalende aanloop naar Loja volgt. Het slot in de stad zelf is niet vlak: de laatste anderhalve kilometer loopt nog geleidelijk op, wat de finale geschikt maakt voor een sterke rouleur, een snelle klimmer of een geslaagde vlucht.

De eerste serieuze beklimming van de dag is de Puerto Los Guájares (ook bekend als de Alto de la Venta de la Cebada), een klim van 14,5 kilometer aan gemiddeld 5,3%.

Daarna volgt de Puerto Las Albuñuelas, een korte maar steile klim van 2,4 kilometer aan gemiddeld 9,2%, met stroken tot wel 15,8%.

De laatste noemenswaardige beklimming is de Puerto de Granada, 6,5 kilometer lang aan gemiddeld 6,2%, met de top op ongeveer 28 kilometer van de finish in Loja.

Etappe 13 · 192 km Almuñécar › Loja
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
31,2 Alto de la Venta de la Cebada ▲▲1e cat 14,1km 722m 5,1% 820m
83,4 Alto del Legionario 2e cat 15,6km 490m 3,1% 1.348m
155,4 Puerto de Granada 2e cat 7,4km 415m 5,6% 1.038m

Etappe 14: Jaén – Sierra de la Pandera

Dag en datum: zaterdag 5 september 2026
Afstand: 152,7 kilometer
Hoogtemeters: circa 4.338 hoogtemeters
Type: bergrit

Deze etappe trekt diep de bergen van de provincie Jaén in en eindigt op de beruchte Sierra de la Pandera, waar de Vuelta al zes keer eerder finishte.

Vanuit Jaén loopt het asfalt direct na de start geleidelijk omhoog richting Mancha Real, waarna het peloton via Torres en Pegalajar een lus van bijna zeventig kilometer aflegt en terugkeert in de startplaats. Vrijwel nergens is de weg echt vlak. Na ongeveer 80 kilometer begint de eerste serieuze beklimming van de dag, de Puerto de los Villares. Op de top kan in theorie bijna rechtstreeks richting de finish worden gereden, maar de organisatie stuurt het parcours nog een lange lus door, met een afdaling en glooiend terrein richting de Puerto de Locubín.

Na de top van deze klim gaat het heuvelaf naar Valdepeñas de Jaén, waar een lastig muurtje de finale inluidt. Na een korte afdaling stijgt de weg vals plat door naar de voet van de slotklim in de Sierra de la Pandera. Deze aankomst tussen de kale rotsen is bijzonder onregelmatig: na een zwaar begin volgt een minder steil middenstuk, waarna de weg in de slotkilometer eerst weer omlaag gaat om vervolgens in de laatste paar honderd meter nog een keer venijnig op te lopen. Op de steilste stroken is verstoppen voor de favorieten vrijwel onmogelijk.

De eerste gecategoriseerde klim van de dag is de Puerto de los Villares, een beklimming van tweede categorie. Deze klim is 10,4 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 5,5%.

Daarna volgt de Puerto de Locubín, eveneens een klim van tweede categorie, met een lengte van 8,8 kilometer aan gemiddeld 5%.

De etappe wordt afgesloten met de slotklim naar de Sierra de la Pandera: 11,8 kilometer aan een gemiddeld percentage van 7,5%. Vooral het tweede deel van de klim is bijzonder zwaar, met een steilste kilometer van rond de 12 à 13%.

Etappe 14 · 154,5 km Jaén › Sierra de la Pandera
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
92,8 Puerto de Los Villares 2e cat 10,5km 567m 5,4% 1.180m
133,2 Puerto de Locubínbonificatiesprint 2e cat 8,8km 444m 5,1% 1.088m
154,5 Sierra de la Panderafinish ▲▲1e cat 11,9km 859m 7,2% 1.798m

Etappe 15: Palma del Río – Córdoba

Dag en datum: zondag 6 september 2026
Afstand: 181,2 kilometer
Hoogtemeters: circa 3.000 hoogtemeters
Type: middengebergte

Na de zware bergrit naar de Sierra de la Pandera wacht met deze rit naar Córdoba een overgangsetappe die desondanks voldoende klimwerk bevat om de pure sprinters uit te schakelen.

Vanuit Palma del Río voert de route door het typisch Andalusische landschap van olijfgaarden en droge vlaktes richting Córdoba. De eerste helft van de etappe verloopt over overwegend glooiende wegen, waarbij het peloton onder meer de Puerto de Mojón Blanco en later de Alto Villaviciosa de Córdoba voor de wielen krijgt. Geen van deze hellingen is op zichzelf zwaar genoeg om de koers definitief open te breken, maar de opeenstapeling ervan maakt de dag lastiger dan het profiel op het eerste gezicht doet vermoeden.

Het zwaartepunt van de etappe ligt in de laatste dertig kilometer, met de Puerto Artafi als beslissende hindernis. Net als bij de vorige Vuelta-aankomst in Córdoba gaat het vanaf de top niet direct naar beneden: de renners blijven nog enkele kilometers over een plateau rijden, voordat de afdaling hen naar de laatste tien kilometer op vlak terrein brengt. Dat profiel maakt een sprint van een uitgedund peloton, of een late aanval, tot de meest waarschijnlijke scenario’s voor de ritzege.

Na ongeveer 35 kilometer wacht de eerste klim van de dag, de Puerto de Mojón Blanco, een beklimming van derde categorie.

Later in de etappe volgt de Alto Villaviciosa de Córdoba, eveneens een klim van derde categorie.

De etappe wordt afgesloten met de Puerto Artafi, ook een beklimming van derde categorie. Deze klim is 5,9 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 5,7%, met de top op ongeveer dertig kilometer van de finish in Córdoba.

 

Etappe 15 · 181 km Palma del Río › Córdoba
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
34,5 Puerto de la Forestal ·3e cat 6,7km 327m 4,1% 497m
121,5 Alto de Villaviciosa de Córdoba ·3e cat 5,7km 271m 4,8% 735m
153,1 Puerto Artafi ·3e cat 5,9km 333m 5,5% 523m

Etappe 16: Cortegana – La Rábida

Dag en datum: dinsdag 8 september 2026
Afstand: 186 kilometer
Hoogtemeters: geen exact officieel cijfer beschikbaar; de hoogtemeters liggen vrijwel volledig geconcentreerd in de eerste veertig kilometer
Type: vlakke rit (met een heuvelachtige openingsfase)

Na de tweede rustdag hervat het peloton de koers in de provincie Huelva, met een etappe die pas na de eerste honderd kilometer echt vlak wordt.

Startplaats Cortegana ligt ingeklemd tussen twee bergketens op ongeveer 650 meter hoogte, en op die hoogte fietst het peloton ook de eerste veertig kilometer rond. Het parcours loopt daar voortdurend op en af: de klimmetjes zijn nooit lang of steil, maar volgen elkaar wel snel op. Dat maakt deze openingsfase ideaal terrein voor aanvallers die de vlucht van de dag willen vormen, en de strijd om die ontsnapping kan dan ook een flink deel van de etappe in beslag nemen.

Rond kilometer 100 ligt het laatste klimmetje van de dag, waarna de renners de vlaktes van Huelva op rijden. Vanaf dat moment is de rest van de etappe vlak, met slechts af en toe een lichte glooiing. De finale loopt via onder meer Moguer en Palos de la Frontera naar het Franciscaner klooster van La Rábida, vanwaar Columbus ooit aan zijn tocht naar Amerika begon. Mocht het tot een massasprint komen, dan is timing belangrijk: de laatste kilometer loopt vals plat omhoog, wat de pure sprinters kan uitdagen door snelle mannen die beter uit de voeten kunnen met een licht oplopende aankomst.

In de openingsfase liggen twee korte hellingen: een klim van 2,3 kilometer aan gemiddeld 5,9% en later een steile strook van 900 meter aan gemiddeld 9,1%.

Rond kilometer 100 volgt de laatste serieuze klim van de dag, met een lengte van 4,5 kilometer aan gemiddeld 4,5%. Na de top hiervan is het grotendeels bergaf en vlak richting de finish in La Rábida.

Etappe 16 · 181 km Cortegana › La Rábida

Geen gecategoriseerde beklimmingen in deze etappe.

Etappe 17: Dos Hermanas – Sevilla

Dag en datum: woensdag 9 september 2026
Afstand: 185 kilometer
Hoogtemeters: circa 900 hoogtemeters
Type: vlakke rit

Na het heuvelachtige werk van de voorbije dagen krijgt het peloton met deze rit naar Sevilla de vlakste etappe van de hele Vuelta voor de wielen.

De etappe vertrekt in Dos Hermanas, een voorstad van Sevilla, en maakt vervolgens een ruime lus naar het zuiden en oosten door de vlakke landbouwgebieden van de provincie. Van echte beklimmingen is geen sprake: de hoogtemeters van de dag komen vrijwel uitsluitend van lange stukken vals plat, niet van geconcentreerde hellingen. Deze eerste helft van de etappe biedt aanvallers dan ook weinig mogelijkheden om het peloton definitief uit elkaar te trekken.

Ook in het vervolg van de rit blijft het parcours grotendeels vlak. Het peloton draait geleidelijk verder richting de Andalusische hoofdstad, waar de streep is getrokken tussen het park María Luisa en de Guadalquivir. De laatste bocht ligt op ongeveer 800 meter van de finish, waarna de sprinters hun laatste versnelling kunnen inzetten. Door het ontbreken van serieuze hindernissen ligt een klassieke massasprint voor de hand.

Deze etappe kent geen gecategoriseerde beklimmingen. De ongeveer 900 hoogtemeters van de dag zijn volledig afkomstig van lange, glooiende stukken vals plat, zonder geconcentreerde klimwerk.

Etappe 17 · 185 km Dos Hermanas › Sevilla

Geen gecategoriseerde beklimmingen in deze etappe.

Etappe 18: El Puerto de SM – Jerez (ITT)

Dag en datum: donderdag 10 september 2026
Afstand: 32,5 kilometer
Hoogtemeters: 169
Type: tijdrit (individueel, vlak)

Met deze tweede en laatste individuele tijdrit van de Vuelta krijgen de klassementsrenners en tijdritspecialisten een belangrijke afspraak voor de wielen, met nog maar drie dagen te gaan tot de finish in Granada.

De renners vertrekken in El Puerto de Santa María, aan de Golf van Cádiz bij de monding van de Guadalete, en rijden landinwaarts richting Jerez de la Frontera. Vanaf het startpodium sturen de deelnemers via wat bochtenwerk de stad uit, waarna ze op lange, snelle wegen ongegeneerd op de grote plaat kunnen doorhalen. Na ongeveer 6 kilometer volgt een bocht richting El Portal; het eerste tussenpunt ligt op 11,7 kilometer, het tweede op 22,1 kilometer van de start.

Van echte beklimmingen is in deze tijdrit nauwelijks sprake: het parcours door de sherrystreek is volgens de officiële route vrijwel volledig vlak. In de laatste tien kilometer volgen meerdere rotondes en richtingsveranderingen, maar de finale blijft grotendeels snel. De route voert via een ruime bocht aan de oostkant om Jerez de la Frontera heen, waarna de renners de stad vanuit het noorden binnenkomen en via verschillende stadswegen naar de lange Avenida Andalucía rijden, waar de finish ligt.

Deze tijdrit bevat geen gecategoriseerde beklimmingen. Met slechts 169 hoogtemeters over de volledige 32,5 kilometer is dit een overwegend vlak parcours, waarop vermogen en aerodynamica de doorslag geven.

Etappe 18 · ITT · 32,1 km El Puerto de Santa María › Jerez de la Frontera

Geen gecategoriseerde beklimmingen in deze etappe.

Etappe 19: Vélez-Málaga – Peñas Blancas 

Dag en datum: vrijdag 11 september 2026
Afstand: 205,1 kilometer
Hoogtemeters: circa 4.000 hoogtemeters
Type: bergrit, met aankomst bergop

Met deze etappe begint de Vuelta aan haar laatste zware blok: een lange rit die uiteindelijk volledig in het teken staat van de negentien kilometer lange slotklim naar Peñas Blancas.

Na de start in Vélez-Málaga is er tientallen kilometers weinig aan de hand. Het peloton volgt de kustlijn van de Middellandse Zee via Málaga richting Coín, waar de eerste glooiingen zich al aandienen. Pas na ongeveer 75 kilometer begint het echte klimwerk met de Puerto de Las Abejas. Direct na de afdaling volgt de Puerto de los Empedrados, waarna het kort heuvelaf gaat, nog een paar kilometer bergop, en vervolgens een lange afdaling richting Ronda.

Na de kust tussen San Pedro de Alcántara en Estepona gevolgd te hebben, begint de slotklim vrijwel op het strand. In negentien kilometer stijgt de weg van zeeniveau naar 1.270 meter hoogte. De eerste 2,5 kilometer zijn het steilst, met een sectie tot 12,5%. Daarna vlakt de klim een paar kilometer af, waarna hij stug maar gelijkmatiger blijft oplopen tot aan de top. In 2022 finishte de Vuelta hier voor het laatst, met een zege voor Richard Carapaz.

De eerste klim van de dag is de Puerto de Las Abejas, met een lengte van 14,4 kilometer aan gemiddeld 4,3%.

Daarna volgt de Puerto de los Empedrados, een ongecategoriseerde klim van 7,1 kilometer aan gemiddeld 5,8%.

De etappe wordt afgesloten met de slotklim naar Peñas Blancas: 19 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 6,7%. Vooral de eerste 2,5 kilometer zijn bijzonder steil, met een sectie tot 12,5%.

Etappe 19 · 210,8 km Vélez-Málaga › Peñas Blancas, Estepona
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
91 Puerto de Las Abejas 2e cat 14,6km 617m 4,3% 814m
111,3 Puerto del Viento 2e cat 13,1km 498m 3,7% 1.064m
210,8 Peñas Blancasfinish ▲▲1e cat 18,7km 1.216m 6,5% 1.268m

Etappe 20: La Calahorra – Collado del Alguacil

Dag en datum: zaterdag 12 september 2026
Afstand: 187 kilometer
Hoogtemeters: circa 5.000 hoogtemeters
Type: bergrit (koninginnenrit)

Deze voorlaatste etappe geldt als de koninginnenrit van de Vuelta 2026 en is mogelijk de zwaarste van de hele ronde. Belangrijk om te vermelden: de organisatie heeft het parcours op 7 augustus 2026 officieel aangepast. Door aardverschuivingen als gevolg van hevig noodweer in februari 2026 raakte de toegangsweg naar de oorspronkelijk geplande Alto de Hazallanas beschadigd, waardoor deze klim niet meer aan de veiligheidseisen voor de Vuelta voldeed. De organisatie announceerde een alternatieve route die de zwaarte en het karakter van de etappe zo veel mogelijk intact houdt.

De renners starten aan de noordoostkant van de Sierra Nevada, in La Calahorra, en rijden over glooiende wegen westwaarts. Na ongeveer 43 kilometer volgt de eerste klim van de dag, de Puerto de Blancares, waarvan vooral het laatste stuk voor de top steil is. Door de aanpassing van het parcours krijgen de renners vervolgens tweemaal de Puerto de El Purche voor de wielen, gevolgd door één beklimming van de nieuwe Puerto de El Duque, die als vervanger van de Alto de Hazallanas is toegevoegd.

Na deze reeks beklimmingen volgt de slotklim naar het nooit eerder bereden Collado del Alguacil, diep in de Sierra Nevada. Deze aankomst wordt vooral in de tweede helft bijzonder zwaar, met percentages die daar vrijwel voortdurend in de dubbele cijfers liggen. Volgens de organisatie blijft de etappe door deze aanpassing ongeveer even zwaar als het oorspronkelijk gepresenteerde parcours, en de afstand verandert nauwelijks.

Na deze reeks beklimmingen volgt de slotklim naar het nooit eerder bereden Collado del Alguacil, diep in de Sierra Nevada. Deze aankomst wordt vooral in de tweede helft bijzonder zwaar, met percentages die daar vrijwel voortdurend in de dubbele cijfers liggen. Volgens de organisatie blijft de etappe door deze aanpassing ongeveer even zwaar als het oorspronkelijk gepresenteerde parcours, en de afstand verandert nauwelijks.

De eerste klim van de dag is de Puerto de Blancares, een relatief vriendelijke beklimming van 9,3 kilometer aan gemiddeld 3,4%.

Vervolgens wordt de Puerto de El Purche tweemaal beklommen. Deze klim is 8,9 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 7,5%.

Daarna volgt, als nieuw element in het parcours, de Puerto de El Duque: 6,2 kilometer aan gemiddeld 7,8%, met een maximaal stijgingspercentage van 18%.

De etappe wordt afgesloten met de slotklim naar het Collado del Alguacil, een beklimming van 16,7 kilometer aan een gemiddeld percentage van 6,7%. Vooral de tweede helft van deze klim is bijzonder zwaar, met een groot deel van het traject in de dubbele cijfers.

Etappe 20 · 186,8 km La Calahorra › Collado del Alguacil
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
50,7 Puerto de Los Blancares ·3e cat 7,7km 283m 3,7% 1.298m
94,3 Puerto de El Purche (1e passage) ▲▲1e cat 8,2km 663m 8,2% 1.483m
125,5 Puerto de El Purche (2e passage) ▲▲1e cat 8,2km 663m 8,2% 1.483m
155,4 Puerto de El Duquebonificatiesprint ▲▲1e cat 7,4km 615m 8,3% 1.674m
186,8 Collado del Alguacilfinish · Categoría Especial ▲▲▲HC 8,3km 816m 9,8% 1.884m

Etappe 21: Granada – Granada

Dag en datum: zondag 13 september 2026
Afstand: 99,4 kilometer
Hoogtemeters: 1.217
Type: vlakke rit (officiële classificatie), met een explosieve, heuvelachtige finale

De Vuelta 2026 sluit niet af met een klassieke sprintersrit zoals in Madrid, maar met een korte, explosieve slotrit rond het Alhambra in Granada.

De openingsfase van de slotrit is relatief rustig: ongeveer 65 kilometer lang krijgt het peloton vooral licht glooiende wegen voorgeschoteld ten westen van Granada, met ruimte voor de traditionele slotdag-viering. Daarna begint de echte finale op een lokaal circuit, dat het peloton meerdere keren aflegt.

Elke ronde bevat een deels met klinkers geplaveid klimmetje naar het fort Alhambra. Deze korte, pittige helling zal het peloton bij elke passage verder uitdunnen. Op de laatste doorkomst ligt de streep niet op de top, maar aan de voet van de klim. Dat maakt de finale vergelijkbaar met de beklimmingen uit het Vlaamse voorjaar, en doet ook denken aan de recente koerswijziging op de slotdag van de Tour de France met de Montmartre-klim in Parijs.

De enige klim van de dag is het klimmetje naar het Alhambra, dat op het slotcircuit meerdere keren wordt bestegen. De beklimming is ongeveer 1 kilometer lang aan een gemiddeld percentage van 7,3%. Op de laatste passage ligt de finish direct aan de voet van deze klim.

Etappe 21 · 112 km Granada › Granada
KM Beklimming Cat. Lengte Hoogtem. Stijging Top
104 Klim naar de Alhambra (4x beklommen)niet officieel gepunt 2,1km m 6,6% m